vrijdag 23 september 2016

Sterven is toch wel het laatste.
We willen het eenvoudig niet weten.
Sterven zonder dat iemand erbij is.
Met stilgevallen woorden.

Het gaat de ene dag wat langzamer
dan de andere, dat sterven.
De dood is een harmonica
vol wispelturige akkoorden.

Meer dan ooit leeft mama. Hier en nu.
Wanneer ik bij haar ben. Alleen.
Samen met haar wacht. Wij beiden.
Alle tijd neem om bij elkaar te zijn.

Hopen is fluisteren: dit donker is mooi.
Hopen dat er zonnige dagen komen
die dieper eindigen in het verleden.
Geen mistige schijn van een refrein.
Geen matte afglans van oude gebeden.
Maar in verblindend licht trillende bomen 

die rechtstaan voor een krachtig pleidooi.

zaterdag 10 september 2016

Geluk is een grillig wezen,
dat niet opdaagt
wanneer je het verwacht 
en toch ook weer wél 
wanneer niets in je
de komst ervan verbeid had. 
Geluk is geen gedicht,
maar soms heb je toch wel
geluk, zonder dat je het wil.

vrijdag 9 september 2016


gezegend de bacteriën en illusies
die me van pas komen op dit papier
het ruikt naar olifanten
op weg naar een bad
dat langzaam opdroogt in de tijd

hoe zou ik ooit liegen bij jou
die mijn leven tot een geschenk maakt
van blind vertrouwen, veel meer
dan je zal toegeven? lees hoe ik
de vliegende kleuren in je ogen benijd

die zien hoe ik zestig word, gestrand
met zicht op het ondoordringbare woud
waar tien geheimen schuilen 
voor de giftige slangen rondom mij, 
het zijn de genen van een oude angst

in het laatste licht van de dag
walst de shiraz van je fantasie
in mijn mond. ik herinner me de dagen
toen je de wereld kwam proeven 
in mijn keuken, in open lucht:

we reden samen door het Krügerpark
dat een speeltuin van verzen werd 
en later een verdorven Eden
met de gebleven belofte 

van een groot design

woensdag 31 augustus 2016

Een engel is aangekomen in mijn straat.
Mijn ezel staat al klaar om alles te zien
wat de geschrokken stoep wil openbaren.
Ik loop als Jozef naar de overkant,
mensen staan te wachten op woorden.

Zal ik mijn uitgepakte verzen opdragen
aan een bijziende bange buurman, 
leraar berucht om zijn onbuigzaamheid
voor erfgenamen en nakomelingen.
Zie ze hoog opkijken naar hem,

naar een schedel badend in de weeë lucht 
van de schemer voor de eerste schoolbel,
een klas van kinderen voorbij de vakantie.
Hoe Meester in late zon een parkeergeschil
met moorddadig gebaar heeft opgelost

terwijl zijn vrouw naast hem, sliertig haar
doordrongen van bedeesde sterfelijkheid, 
met gegroefd gezicht tot stilte maant, 
alleen maar omdat er wordt uitgestapt
zoals Maria in Bethlehem, met hoofddoek

glijdend over een koperkleurig gelaat
boven haar baby waar Florentijnse schilders
een slimme jongen in zien, maar mijn buur
alweer een leerling die Cupido wil zijn.
Parkeren is hier verboden, geboren worden

mag het ukkie doen waar het zelf weer wil.
Als het in haar liefde is, vindt hij het goed. 
De stilte weet meer. Knikt als de Moeder
die dadelijk vertrekken gaat, naar een huis

tussen redding en ondergang: mijn gedicht.

zaterdag 27 augustus 2016

De avond ging geilig onder 
in het maangeel van Pernod. 
Tot mijn verbazing viel ik in slaap. 
Werd wakker, zoals wel vaker,
op het terras van achtergebleven hoop. 
Het was een bonus 
die me hormonen had doen zuipen. 

Liefde is een fratsenmaker 
en laat je alleen achter, 
als een rat bij lege flessen 

in een depot.

donderdag 11 augustus 2016

De augustusavond doet denken 
aan een volle wasdraad in de regen.
En niemand om mijn afspraak na te komen.
Alle trams staan stil in spiegelende stromen.
‘Ijs met verbleekte Pernod, ober!’ Met die zegen
zal ik het lome failliet van mijn dag inschenken.

Ik verbaas mezelf met een koude vlaag 
van glimmende terrasjes met pullover
en bibberende atleten in Rio. Het fluitje
van een cent is hun duik: een ruitje
dat groen kleurt door alle nijd van de rover

van dit verlies: de zomer, een stalkende plaag.

zaterdag 6 augustus 2016

I am the master
of the universe
klinkt het op de autoradio.
Gisteren een druppel zaad,

morgen een hoopje as.
Met iedereen alleen.
In de file.
In een wereld
die ik nooit gewild heb.
Waar ik opdraaf
voor de verveling van goden,
buiten het bereik
van de lichtjaren.