donderdag 20 augustus 2009

Darwin

Goed onthouden -- zei hij -- dat mensen
je af en toe in herinnering moeten brengen
waarom er bewijzen te over zijn
voor de theorie van Darwin over ontstaan
en groei en bloei van alle leven
en waarom mensen zijn zoals ze zijn
-- hij en ik inbegrepen --
al liggen we er
zelden wakker van.
En dat de vraag niet zozeer was
of nieuwe soorten ontstaan -- dat doen ze
zeker, en hij keek me aan -- en evenmin
of Darwins favoriete proces van natuurlijke
selectie ooit van invloed is op onze gang van zaken
-- dat moet beslist het geval zijn --
maar wel -- het krijt werd neergelegd --
of we daarmee een motor hebben gevonden
voor de extreme complexiteit van alle leven
rondom ons --

we waren helemaal alleen.

Die laatste propositie -- nu fluisterend --
wordt gretig geloofd en verkondigd
in de scholen van onze belastingbetalers,
niet zozeer omdat ze plausibel klinkt
-- ik knikte al gedwee --
maar omdat ze geschraagd wordt
door het materialisme van een elite.

Ik schrok. Hij sprak zo verleidelijk
teder in mijn oren dat ik opeens de behoefte
voelde om mijn eigen outback te maken

in een gedicht.

Waarna hij zich omdraaide
om zedig te kuchen. Weg van mij.