vrijdag 13 november 2009

Reproduction interdite

Zal ik vragen wie dat is: Kunst. Snijdende wind van overmoed.

Nee, ik hoor geen schallen van bazuinen zonder ventielen

wanneer ik een koude stetoscoop van taal op Zijn longen duw,

om verborgen eeuwigheid te signaleren.


Zal ik voyeuristisch verlangen naar Adem, kijken hoe Hij het doet? 

Piepend ik: jammerende weeklank. Woorden: verscheurde zielen

die ik bijna niet meer hoor. Een smachten. Hartruis, dit spel is ruw.

Ik ga de leegte van mijn Kleine Dood ontberen.


En blijf verlangen. Onhoorbaar zacht.

Geen woorden geuren in Zijn mond, geen vaste sterren vliegen,

zo lang de voorraad strekt, hun rondjes in een nuchtere nacht.


Ik wacht. Het zijn twee chromosomen

die scoren willen, hoofse liefde met obscene taal bedriegen.

Mijn reproductie is verboden. Ik spiegel Magritte in Ego-dromen.