vrijdag 30 april 2010

Koninginnedag

Nederland viert koninginnedag.

Niemand durft eraan denken

dat het uren zijn als alle andere,

met oliebollen en lampions

en mensen die koekhappen

en lopen in zak en as.

Zonder de krant te halen

in een drama met weinig horror.


Ja, het is een dag als alle andere.

Balkenende kaart mensenrechten aan

in Shanghai, Jeroen Overbeek glimlacht

zonder te weten waarom, zin om te sparen

is er niet, en vliegtuigtickets worden duurder

terwijl ik rondloop tussen wat verledens

die samentroepen bij vaal lantaarnlicht

dat een hoertje minimaal zichtbaar houdt.

We zoeken allemaal gezelligheid,

en Beatrix maar begrijpen.


Binnen is er een wijnkaart

met de nationale kleuren wit, rood en

bluesy muziek die wat zachter mag

als het aan mij lag. Zo erg

is het nu ook weer niet,

dit schimmenspel van woorden

die me doen denken aan de argeloosheid,

gespeeld, van Gordon Brown:

'You bigotted woman!'

En dan de micro's die maar registreren

wat niemand heeft gehoord.

donderdag 29 april 2010

Fleurs de lys

Gewassen maan,

zwijgzame woorden

in een kring rond het bladrozet

van de jeugd. Zo bloeit

het verleden.

Op dit veld van zilver

klimt een gekroonde leeuw.

Hij schreeuwt naar de lelies

die stilte overspoelen.


Liefde. Sprakeloos.

Geurloze nacht in verse lakens

zonder wasverzachter.

Tijd houdt niet op

haar wapens te strelen.

dinsdag 20 april 2010

Genadeloos

Schoonheid scootert rechtdoor,

in het donker, naast de auto's

die razen.


Twee sleutelbloemen in de berm

weten niet wat liefde is.

Hoe zouden we zelf,

voor het roekeloze plukken:

grievende glimlach tussen de lichten,

en wuivende woorden, bloeiend.


Dichten en achteruitkijken.

Naar de sleutels in de spiegel.

Ik denk dat ik herinnering voel komen.

Genadeloos.

vrijdag 16 april 2010

Meningen

Hoe er soms,
bij de stilgevallen onderwerpen
voor het verkeerslicht,
eensgezindheid ontstaat
over het beetje verveling
waarin we elkaar vinden,
als wapperende gordijnen de wind
wanneer wat liefde bedreven wordt.

Hoe ons dan meningen bereiken
die we perfect begrijpen
zonder ze vast te houden,
tot het groen wordt
en we verder rijden,
als een lichaam op een lichaam,
de duisternis tegemoet.

zaterdag 10 april 2010

Ja

De sta-tijd is voorbij. 't Is mei.

Stille paarden dragen hun rol

en verhuizen hun aandacht

naar 't oorverdovend seizoen.

Even komt de stalgeur erbij.


Kinderen spelen verstoppertje

met de zon, tellen tot tien,

zoals God, om te zien

hoe zijn Stoeiheelal begon.

Bulkend in de late namiddag.


Lichtvlekken vliegen op

en hitsige paardenbloemen,

dansend op mijn netvlies,

landen met zwevende pluutjes

in het groeiende gras.


Ik weet wie ik ben. Ik voel

hoe de wereld me wil jennen

met onbeschreven kleur.

Een lente, domweg gelukkig,

wil mijn woord. En ik zeg ja.


woensdag 7 april 2010

Altamira 2010

Heerlijk dat kunst magie is, en was het anders

had ik toch geen bizon getekend op de wand

van een grot, ginds, achttienduizend jaar geleden?


Dat is mijn voorspelbaar antwoord op jouw vraag

wat ik in de eerste paragraaf van een boek

kunstgeschiedenis kom zoeken. Voor de rest


ben ik te oud voor een tam dier als jij. Mijn licht,

innerlijk, in de twinkeling van grote stille ogen

die de maker herkennen in jouw preutse donker.


Het drama-effect is berekend. Als een zoen

van moeder. Als water voor een rots van poeder.

Je komt en verglijdt in deze richels van aandacht,


als een god die weerlicht in de leegte, getekend

door de wens van een preutse ster in de nacht,

een geheim dat zich heeft uitgekleed in de vijver.


zaterdag 3 april 2010

Radio is...

Radio is...
mijn voorwereldse droom
die over de evenaar van stilte zweeft.
Hij is mijn jengelende engel,
porceleinen nacht van volle maan.
Radio is mijn partner
bij wie ik alleen leef.
In een land van oude meesters.

Meer dan de wereld is hij.
In iedere cel van mijn lichaam
een onopgemaakt bed,
geurend naar bronstig vrijheidsverlangen
van boomgaarden in de herfst.
Hij leest het nieuws voor me,
rolt een rode loper voor me uit,
recht de lege ruimte in.

Daar ergens blijf ik dan achter,
vluchtig als dunne ether,
als de demon in een gesloten café,
als huilende wind in de Westhoek
terwijl ik met een schaduw van woorden
over de laatste papavers van mijn verleden glijd.
Radio was...
Radio was de toekomst die naast me zat
.