zaterdag 8 mei 2010

God met Italiaanse vader

Een oerduwtje, meer niet, een kreet in de leegte

en daar zijn honderd miljard melkwegstelsels

van afgeroomde woorden: God viel in de afgrond

van meerzinnige stilte, en ontdekte in alle lagen

dat hij dichter was. In gradaties van duisternis

waar ik mijn kruiperige liefde veins. Voor iemand

die op hem gelijkt. Poëzie. Drinkend aan de borst

van niet te stelpen vrijheidsverlangen. Speeldoos

als troost. En daarna een bijna uitgebloeide iris:


Ik zat bij een tjokvolle bakker hartje Antwerpen

roomrijke taal te smullen, toen een Italiaanse vader

met zijn baby plots voor me kwam staan. Hij vroeg

of er nog een plek vrij was aan mijn tafel. Klonk best

banaal. Ik knikte, blij met de komst van deze taal.

Even later, toen paps tussen sterren en planeten,

druk om de eigen as draaiend, naar het toilet liep,

hield ik eenzaam een krijsende baby op mijn schoot.