woensdag 8 december 2010

Zonder titel

kleine gebaren,

ingebakken in de kunst van het 'doen alsof'

die op je schoot ligt, als een kantwerk

zonder toeristen


je zwijgt, je weet dat iemand van ons

de liefde de laan gaat uitsturen

en vouwt je briefje tot een zwaan


dan hoor ik het getrappel van een koets

met paarden die blazen in de mist

en ruik ik de geur van een geheim:


voor weelderige verwondering

moet ik met een geruisloze boot

voorbij de weelderige achtertuin glijden

van je dode stad


het duister van Brugge klinkt vals,

ik duw een frele kerkklok weg

tussen de foutparkeerders om de hoek

en lees mijn schuldig verzuim in je auto