Regen in mijn hart
en jouw plu van troost.
Vaak gehoorde woorden,
aaibaar als zachte pels.
Het is behelpen
in de begerige herfst
waar ik met je schuil.
Met neergeslagen ogen
neem ik een compliment op,
als een verdwaalde poes.
Ik geef de herinnering wat melk,
hoop dat ze ooit terugkeert
nog voor ik haar vergeten kan.
Er ligt een dode vogel in de verte
bij je verwilderde vijver van taal.