vrijdag 25 november 2011

Dociel

eerst hangen ze rond mijn bed

koel als sproeiers op zomers gras

dan komen ze roerloos tegen me aan

als grote zachte borstels

werkloos in de winter


het zijn de liefdes

met hun zoetgevooisde stem

die het right here, right now willen

dociel zoals een auto in de wasstraat

zoals de maan die zacht voorbij schuift


in de nacht


donderdag 17 november 2011

Zonder titel (geschreven op de trein vanmorgen)

Iemand zei me, terwijl een pendule gewichtig slingerde,
dat de tijd zo snel voorbijgaat. Waar was die haast
die ik niet zien kon? Het zou me niet verbaasd hebben
dat er slechts een uur verstreken was sedert je geboorte
in mijn leven. Je afwezigheid is de stilte tussen twee seconden.

Ik vroeg je zonder schroom wanneer we elkaar zouden weerzien.
Je moet gedacht hebben dat het niet vlug genoeg kon zijn.
In werkelijkheid deed het tijdstip niet eens ter zake.
Ook al zou ik nooit meer dan een glimp van je opvangen,
dan nog zou ik blij geweest zijn met je stijlvol antwoord.

Zie je, voor mij telt slechts de mildheid van een tegemoetkoming.
En verder zijn er vijf levens die ik geduldig postuleren moet
uit een eindeloze rij mogelijkheden, mij verder onbekend.
Ze zijn het geheim, prikkelender dan elke waarheid,
waarmee de schim van deze liefde nu slapen gaat.

dinsdag 15 november 2011

Zonder titel

wat ik zeggen wou
het is alsof je dat al weet
en daarop reageert
nog voor ik een woord voel komen

amper heb ik mijn lippen geopend
of je maakt me al monddood
en geniet
van de verzekerde stilte

ik moet omzeilen
om levend te houden
wat je ver van mij verwijdert.
dat is wat ik wil:

leven
in de dood
die je voor mij
gekozen hebt

zaterdag 12 november 2011

Ongehoorde vragen

Ik sluit mijn ogen

om je beter te kunnen zien

in de wirwar van ruwe vragen

die als neuronen het signaal passeren

van een ongehoorde liefde.


Dan open ik mijn ogen

en sta alleen, in een donkere schedel,

onverwarmd en leeggeroofd door twijfel.

In een hoek van vochtig vermoeden

lig je te slapen. Ik hoor alleen je adem.


Ik sluit mijn gedachten. Die favela van sfeer.

Kansarm hoofd, veel te naakte zorg om jou,

aan het einde van een onverlichte modderweg

die naar armoedige ogen leidt. Onverhard.

En of ik rijk wil zijn. Met letters die verblinden.


Dan open ik een tas hooggevoelige vragen

die zacht kreunen, inspecteer ze op schimmels

met het ingebrachte speculum van de tijd.

Er geurt een herkomst die niet van mij is,

maar van lichaamsvochten die ik wantrouw.


Aan het slot antwoorden mijn ogen

om beter de man te kunnen worden

die je vaker in je dromen hebt ontmoet.

Nu leg ik zacht een hand op je ogen

om bij je te zijn. Voorbij de gedoofde zin.

vrijdag 4 november 2011

faceboekje (mijn kortste gedicht ooit)

Add friend. Like. Share.

Unlike. Other friends.

Zonder titel

soms

zie je een voetballer

die traag voortschrijdt

door een slow-motion van gemiste kansen

naar een doel dat uit het zicht verdwijnt

terwijl jij hulpeloos staart

naar de gehavende tijd

die niet voorbij wil gaan


soms

verblind door halo's van winterlicht

slenter ik door die arena van mijn faalangst

voorbij een tribune van vrije dagen

joelend en hossend

tot hun stemmen verschorren

en verstommen, in herinnering

die niet langer wil blijven


soms

wanneer het stil wordt op de zender

die je ooit ontvangen kon

voor je insliep in je fantasie

loop ik naar het beeld dat je bedriegt

en jaag het met sneeuw uit je brein

dat zacht scoren zal

in een krijsende ochtend