zaterdag 9 februari 2013

Soms zou ik alle stemmen willen sprokkelen
tijdens een taxirit door de haven. Alle jurken
en rokken, exclusieve jasjes, verbluffende
retoriek als een draagbaar apparaat van noten 
vol zinnelijk plezier. Het komt al toegesneld. 

Hallo, chauffeur, u die gluurt in het donker,
bent u nog vrij voor een korte rit met mij?
Jawel, mevrouw, ik voel mijn motor al starten,
stap in en laat u vervoeren door het uitzicht
op mijn woord. U krijgt het, ik beloof het u.

Hoe hij de tijd dan doodt met rode lichten
en geduldig luisteren naar de onbekende
die even op adem wil komen, wulps taterend
in zijn verlossend zwijgen. Blikken gloeien nu.
Verbeelding begint zacht te hijgen: er lonkt

een overkant. Luttele ogen maken een plons
in haar décolleté, in de inhoudelijke diepte
van het naakte zijn. Of was het maar een droom?
Het licht staat op groen, de haven wordt hitsig
en de auto's beleven hun climax van wild getoeter.