zaterdag 30 maart 2013


Vanmiddag nog
kwam ik je tegen,
in mijn herinnering
aan de armoede
vlak voor het begin -
je hebt ze nooit gekend.

Zelfs in de stilte
van je zoete onverschilligheid
kan ik van je houden,
zonder je te storen
met een teveel
dat je elders zoekt.

vrijdag 22 maart 2013

Boemel door late winter



Er zijn zo van die tijden,
dan lijkt alles opeens mogelijk
in dit netwerk van sporende neuronen.
En ga je schrijven om minder te lijden,

glurend naar de late winter buiten:
vaal neon, en een conducteur
die je welkom heet op een boemel
door overbebouwd verleden.

Dichten. Stations worden podia
van zacht verlicht hiernamaals.
En een dode die zijn kans krijgt
om het woord tot je te richten.

Krakende vorst van de liefde,
met jouw nevel van hoop erbij,
oude droompop, 
altijd dezelfde terreur

van wazige boogie nachten
met een slibberige ochtend.
Zo sprak hij ooit, om je te troosten,
zijn vaarwel uit, op een begrafenis

die schitterde in de lentezon,
daar ergens achter de wei in je hoofd 
waar graven wachten op een trein
die bomen laat kwijnen onder hun rijp.

woensdag 6 maart 2013

Tweeluik


1
knikkebollend boven een baal aardappelen
mompel ik als een oude man 
wanneer ik begin te schrijven over de oceaan:
mijn pen wordt een roeispaan waarmee ik biljart 
met de golven in mijn hoofd:
ze komen aangerold van ver -
zilte jaren, gerooide tijd, op weg
naar een gat van vergeten

boven de scheepswerf van mijn geluk
werd de vurige hemel versimpeld 
tot stille maan: de liefdeswaan 
had me een laatste kwartier beloofd 
maar mijn ogen stonden in brand. 
net daarom wou ik aan land blijven 
tot ze geblust waren: jouw superlatieven 
die als een regenboog hun toekomst kleurden 

2
weet je dat? over de oceaan
die je al lezend hebt gezien
mompel je in mijn slaap 

en vraagt dan wie ik ben,
oude man die wil wakker worden
als een jonge rekruut van het verleden