zaterdag 10 augustus 2013

Geen woord meer

Tienduizend nachten heb ik aan de Holocaust gedacht,
veel te kort - en zonder slapeloos te zijn.
Geen woord meer.

Tienduizend nachten zag ik de ondervoede jongen
uit barak 57, die gekneusde met de gestreepte pyama
waarop een zwarte en gele driehoek was genaaid:
mijn vriend.
Geen woord meer.

Samen overliepen we de dag, de blaffende bevelen,
onze afjakkerende koorts onder het laden en lossen, 
entartete artiesten om de doodse avond stuk te spelen,
en hoe we dichter bij elkaar kwamen, in kwalijke geuren
van genegenheid die niemand ooit met je zal delen.
Geen woord meer.

Tienduizend nachten dacht ik aan de slaap
die ons dan overviel.
Geen woord meer. 

Waarna ik telkens weer insliep, 
in een zalig bed met heerlijke matras
en fris gewassen linnen, 
het bos vlakbij,
een naam
nog op mijn lippen:

Adorno.