maandag 19 mei 2014

Door de gammele radio van een taverne
zingt Theodorakis over de verlatenheid van Kreta.
Mijn strand vanmiddag is een dubbel drama
van wijkend zonlicht en opstekende wind
waarvoor de golven steeds luider applaudisseren.

Ik trek mijn trui uit op het rozige zand,
loop door het donker labyrint van mijn gesloten ogen
en luister diep in mezelf naar de Minotaurus
die mijn liefde is
voor alle schoonheid op de vlucht.

donderdag 1 mei 2014


VOOR DICHTERS EN BOMEN

Dichters zijn als exotische bomen.
Voor vrienden met gedeelde zorgen
zijn ze aarzelende vreemdelingen. 

Ze brengen een Latijnse naam mee
die ze niet goed kunnen schrijven
voor de vogels in de vroege morgen.

Bomen zijn als vemomde dichters.
Ze leven in een taal, groen van nijd,
en reiken steeds hoger naar elkaar.

Ze ritselen hitsig in een verzuurde tijd
en laten het ongewone schemeren,
glurend naar een melig liefdespaar.