vrijdag 13 februari 2015


Alsof er schande te stapelen viel.
Aan het einde van de liefdesstrijd
kwam een bericht dat het bed hulde
in de stilte van een verlaten bos.
Alsof we nu al moeten rouwen 
om een telegram die nog gaat komen.

Ik zat te pezen op je brainteaser
die in mijn hart was beland,
tussen de winterlakens
die zacht deinden op je adem,
daar ergens tussen cystolen
die bespioneerd werden door je oor. 

Het leek op een verliefd kiften 
over verjaagbare zorgen, 
dit kwellen van mezelf met iets
dat als messcherp licht verblindde
wat ik met open ogen had gezien
als een toekan in een droomwoud.

En het was alsof ik maar vrijen bleef, 
vrijen als de wind met de bomen, 
zonder ooit te weten of ze het voelen. 
Een pijn van boosaardig verdriet
waarin bonzende waanzin verstilt.
Mijn hart zei niets. Haperde in je oor.