dinsdag 22 december 2015


Mist was er, toen ik bij jou kwam, mist rolde mee 
naar binnen, zoals een liefde door de traagheid
die geen excuses zoekt om stil te vallen.

Ik dacht dat de symbolen nog zwegen, dat ze later
geuren zouden worden voor een platteland met zon
om een half uur lang te vrijen. Toen je zwijgen begon.

Je zinnen hadden het over vage depressies
en gebieden van hoge druk, je was een weerman
die mijn lichaam als een lege landkaart aanwees.

Mist was er, kil als theater zonder personages,
een stad zonder slaap, een doorweekte slip 
waarmee je per vergissing de verveling verdrijft.

Angst was er, maar ook wel, uitzaaiend na het barsten
van de leegte, druppels van een toekomst in je ogen
die rondzwom in een uithoek van je onwetendheid