zaterdag 26 augustus 2017

mozart, help me: 
het is een gedicht in mineur,
dit bestaan van mij, 

ik dreg naar betekenis
die in stijgende toonladders op zoek is
naar hogere regionen van soortelijk gewicht

en jij weet daar alles van

ook jij hebt ja gezegd
tegen teveel dingen in het leven
ze achtervolgen ons op een preutse piano
met moltekens van ondergrondse tijd
doorgebracht in klasse bars 
vol kruisen van weemoed

componisten zijn als welgestelde ouders
dol op mij, hoe ik hun zaadjes van bewustzijn
uitstrooi over de toetsen die me testen willen
wanneer ik nee zeg tegen de roepende plicht

van woorden temmen 

in een muzikaal gedicht

woensdag 16 augustus 2017

Schelpen.

Ze dragen het verstand van de zee.
Ze ademen het licht van verlaten stranden.
Ze bespioneren benen en buik,
overspoelen met vergeten tijden
de verloren lopende angst van een kind.

Schelpen.

Ze gaan nooit dood en drogen nooit uit.
Verstoppen het leven in een zone van honger.
Zie ik hen liggen, raap ik hen op en word jonger.
Weet weer wat vrijen was, dromen in rul zand
en hopen dat de buit mee naar huis mocht.

Schelpen.

Lof en erkenning zonder dat ik ernaar zocht.
Ruisend ongelukkig-zijn van zilte eeuwen.
En altijd dat beamen van krijsende meeuwen.
Zal dit de toekomst zijn? dacht ik als kind.
Zag een koppel giechelend rollen, in de wind.

Schelpen.



vrijdag 4 augustus 2017

Onder de douche was er Charlie Winston:
ik hoef niet naakt te worstelen met slangen
om te weten hoe verraderlijk de liefde is
waar ik niet zonder kan.

In de bus klonk Jimmy Page of all people,
maar waarom? ik ben niet rock en ook niet roll,
in het stationsbuffet herken ik mijn Dvorak
die stoomt in een braaf bestelde Americano.

Zoevend als de trein werd ik dan even stil: 
het zou mooi zijn als mijn mobieltje rinkelde
om me te vragen waar ik ben, in welke tijd,
want ik haat het te laat te komen op de radio.

Het wonder: in Brussel hoorde ik overal jou.
Geen dystopie die mij weerhouden kon
om onze relatie als een samenleving te zien
van wondermooie perron vijf-gedachten.

Bach: wanneer jij en ik nog beter worden.
Als we maar volhouden, zoals hij het deed,
in muziek die dag en nacht 

door gammele levens dendert.