vrijdag 19 januari 2018

het is winter
we springen eruit bij de eindhalte
voorbijgegaan aan de gewoonte
een koude schim te zijn tussen de anderen
een canada zonder geruis
een vogel zonder lokroep in het bos
daar diep in de lente die huilt in de vuige wind
van het laatste te voet door de beelden
de tram schuift in de verte weg
met het gekreun van ruimtelijke eeuwen
daarboven in hun nachtelijk gewaad van zilver
wandelen de sterren met ons mee
blaffende honden springen naar hun schaduw
terwijl ik mijn woorden doof met een symbool
om een bekentenis in je zij te leggen, een arm:
vanavond zal het zomer zijn rond middernacht