zaterdag 14 december 2019

wees niet bang dat je onhandig en nerveus oogt, 
vergeet de onzuiverheden in je huid 
die je op een kwetsbaar joch doen lijken

bij de komst van onverwachte woorden 
met een verregaand bevrijdend kaliber 
spreekt elk lichaam een vreemde taal

waarom genoegen nemen 
met de vertrouwde grammatica
van gezichten en poses?

probeer zo nu en dan 
iets te zeggen dat verrassend, gewaagd 
of zelfs een beetje surrealistisch klinkt, 

al is het voor de andere gezinsleden 
niet duidelijk waarom je dat doet -- 
als de woorden maar blijven hangen, 

wenkbrauwen verhogen en schijnmaneuvers 
worden ingezet om te ontkennen dat je jezelf 
zopas uit een kerker met de heimelijkheden 

van je innerlijk leven hebt bevrijd

vrijdag 6 december 2019




Ik houd van het leven, zei ik, maar is het
hetzelfde leven als dat van jou? Niemand
die zo’n uitspraak begrijpt – alleen jij.
Het heeft niets te maken met tijd
door glazen gooien of verre landen bezoeken.

Je begreep het. Het leven was die moeilijke,
amorfe massa die mijn lichaam had opgezocht
en het in een maatschappij geworden. In een eeuw.
Daar hield ik van. Van dàt leven, in al zijn tegenspraak.
Je zette een stapje achteruit om het te overschouwen.

Ik moest mijn beste pak uittrekken, vond je,
en in een jeansbroek naar mijn leven kijken.
En vooral: ik mocht niet als kristal beschouwen
wat in wezen staal is. Of je nu tuig bent of niet,
het leven mag je niet preuts benaderen, zei je,

want dan sta je oog in oog met een idealistisch onding.
Ik ben geen tuig, dacht ik glimlachend. Ik houd van je.
Ik ontvang de dingen zoals ze zijn, onaangeroerd
door wensen en verwachtingen. Geen schoonheid
schenk ik aan moleculen die bloemen moeten worden.

Ik leef, en ben zo blij bij jou.

maandag 2 december 2019

Eenzame avond in Tielt.
Nog eens geloven in de troost
van pas gesteven lakens
en een kussen zo groot,
dat ik oma's lentetuin
met mijn armen omsluit. 


Tussen de bloemen van deze droom
op het spoor komen van een kidnap --
wilskracht ontrukt aan de beloftes
die ze meegaf voor de cool jazz
van mijn latere melancholie.
Krachten bundelen, denken


de woorden dan. En spijbelen
bij het water waar de bomen winterslapen
en een druk verkeer voorbij dendert.
Op het karretje met mijn ontbijt ligt
een sandwich die ik alleen beleggen moet.
Zie hem stoeien met zijn verleiding,


zoals verwende pubers dan doen.
Aandelen zijn er wel, in dit geluk van verzen,
maar de banken waar je ooit koffie kreeg,
blijven gesloten. Ik zet de verwarming
een graadje hoger en val opnieuw in slaap.
Zonder alternatief voor betere tijden.


zaterdag 26 oktober 2019


Een stofwolk voor ogen houden
in de wind van mijn donkere verbeelding.
Deze zaterdag brengt herfst naar Antwerpen,
een markt met het stille gezang van honger. 

Daar zijn jouw amandelogen voor 1001 nacht,
zacht als zijde op de route naar het licht, 
jij koopman die me midden in de metropool 
meeneemt naar de weelde van het onbekende. 

Terwijl ik graaf naar geld knielen de kamelen
in de caravanserail van je hand. Neem je tijd,
zeg je, en midden in het stuntelig gescharrel 
iets over het winteruur dat vanavond begint.

Eerst is er de regen, die geuren wakker maakt:
kardemom, kaneel en duizend rozenblaadjes 
in de wervelende woestijn, verglijdende duinen 
en een dankjewel met die mooie hand op je hart.

woensdag 16 oktober 2019


als je ouder bent, is redding meestal nabij
geniepig grijnzend in het kielzog van akelige feiten
die niets anders nastreven dan je klein te krijgen

een vriend belt je op: ach, zo erg is het toch niet
en dan de ongeneeslijke ziekte van een tante
die net is heengegaan, bij wijze van opluchting. 

verzen helpen ook, omhoogkringelend als witte rook
uit een schoorsteen, wanneer het einde nabij is
van een argwanend staren naar de lege bladzijde.

als je ouder bent, is redding meestal nabij
in de gedaante van een bewasemde spiegel
die alle oneffenheden wist, om de schim te tonen

die blij de dag zonder naam begint, tussen zwervers
die hun lege uren vergaten weg te slapen. Een hand
wordt geopend, je stopt er gauw een briefje in

en beseft dat je zelf de redding was, voor een ander
die je dadelijk weer vergeten zal. Hij kan nu eten,
drinken en zichzelf bedwelmen met een drug

die de brandende ogen van het ongeluk weer sluit.

zaterdag 5 oktober 2019




wat…
wat als we nu eens…

wat als we nu eens gingen wandelen,
stofwolkjes van geluk voor blozende ogen,
huivering van zon in trage frasen vol koude
wouden met hun geur van vreemde mythen
op een curve naar oneindig, 

wat als we eens gingen stoeien, naakt en vrij,
met jeugdige ademtochten bij klaterend water, 
zonder om te kijken naar de woeste leeuw
van een verloren liefde, ’s avonds,
wanneer het maanlicht door de takken schiet,

als we ons gingen bemoeien 
met het nachtelijk voortbestaan van wilde dingen
die we besnuffelen met een bemodderde neus
van koortsig gevoel, terwijl diep in onze buik,
nog warm en vochtig van bloed, een sater jokt? 

wat
als we nu eens rechtvaardig zouden handelen
met de malle dingen die begrepen willen worden:
een sterrenwagen die we mennen met de raadsels
van al onze wandelingen door de eenzame tijd —

wat 
als we nu eens, met keet en fratsen, veel te laat,
de liefde zouden vieren, op onze lange
terugweg naar huis, hier vlak bij de morgen?
wat dan, zo midden in deze verlaten herfst?

woensdag 2 oktober 2019


Alles gaat voorbij. Verdriet, poederig licht,
de pijnloze aanraking van angsten, 
de allerlaatste kans om druppels te wissen
die lijken op zachte hagel van overleven.  

Alles. En iedereen. De buitenwijken
waar mensen teveel drinken, de scènes
tussen man en vrouw die elkaar isoleren
in hun hart, alles en iedereen gaat eraan,

zoals de seks die zonder God overal is
en ruzies woordloos dooft, ronddolend  
op een vlekkerige matras. Alles verrot, 
zoals knus samenhokkende tomaten, 

vervaldata een veldslag van betasten.
Alles wordt afgeslacht door de tijd.
Vroeger keek je gelaten voor je uit. 
Warrig haar onder je kin. Tegenwoordig 

bedenk je opeens, orgastisch, met dank 
aan de kapper en zijn pronte brunettes, 
dat je de kamer wil schoonmaken. 
Wanneer doe je dat ook alweer? 

Alles gaat voorbij. 
De extase in de warenhuizen, 
de geconsumeerde ellende van hormonen
op een boxspring. 

Liefde in een spijkerbroek
gaat mee de was in, draait rustig de rondjes  
die ze nodig heeft, tot iets stilvalt en piept
als was het een waarschuwing 

voor de volgende beurt. 
Of een nieuwe machine. 
Die draait en draait en draait, 
zoals elke planeet van dolgedraaide euforie.

dinsdag 10 september 2019

Review van mijn boek 'Liefde en andere overvloed' door André Oyen ('Lezers tippen lezers'):

Gelezen door: André Oyen (3337 boeken)
Citaat: " De zwarte huid droeg geen belofte van sensueel avontuur dat andere deuren van liefde opent, maar de prikkel van verhevigd genot – door afwezigheid van obstakels uit een wereld van geijkte welvoegelijkheden die beschaving heet – was groot genoeg om toch minstens een keer in je leven uit te kijken naar een gewaagde nacht naast een huidskleur met onverkende geheimen."
Bart Stouten (1956) brengt in woord en klank, poëzie, beklijvend proza, en muziek met prachtige bindteksten naar lezer en luisteraar, hij is dan ook een van de leidende stemmen van Klara, de klassieke radiozender van VRT. Zijn romans Kersen eten om middernacht (2013), Bidden om verboden vruchten (2015) en Het huilt voor jou (2016), en zijn essay Bart Stouten over Bach (2017) en zijn poëziebundels worden graag gelezen. Kersen eten om middernacht werd in Nederland bekroond met de Grote Inktslaaf Literatuurprijs 2013. In zijn nieuwe roman ‘Liefde en andere overvloed’ komen de kennis, de bevlogenheid en de artistieke inborst van de auteur heel mooi tot hun recht. Het begint al met de omslag die als het ware een handleiding is bij deze roman. Een knappe Oegandese man slaapt in helwitte lakens onder het schilderij van Vermeer : Het melkmeisje. Het is mooi hoe al deze elementen in het plot van het verhaal worden verwerkt. Dat verhaal waarin radiomaker en dichter Jeroen centraal staat. De brave borst wordt gestalkt door een hevige fan van zijn stem. Ze overlaadt hem met geschenken, van homeopathische middelen tot tangaslips en fruitsalades, boeken en ook geld. Op een goede morgen ligt de Oegandese Jim te slapen in de hal van het appartementsgebouw. Jeroen weet niet meteen of deze Jim ook als een geschenk bedoeld is en geeft Jim onderdak en raakt geïntrigeerd door zijn verhaal. Jim is een wat vereenzaamde amateurbokser, destijds voor de rebellenleiders gevlucht uit Oeganda, inmiddels verslaafd aan drugs en ook betrokken bij nogal duistere zaakjes. Maar toch groeit er tussen wil en dank een wederzijdse genegenheid tussen de twee mannen. Jeroen voelt zich helemaal in zijn element bij Jim. Hij laat midden in de woonkamer een boksbal installeren, zodat Jim kan oefenen en zijn frustraties afreageren. Het element taal wordt ook een belangrijke brug tussen hen. Ook al bloeit er een mooie relatie open tussen hen, toch leeft bij Jeroen een zeker achterdocht. Nu kan Jim wel goed praten maar over bepaalde dingen laat hij absoluut het achterste van zijn tong niet zien en dat wekt twijfel bij Jeroen die helemaal anders tegen zaken zoals oprechtheid bijvoorbeeld aankijkt .Liefde en andere overvloed is een heel stevig opgebouwd verhaal waarin kunst ook nu weer een heel mooie rol krijgt toebedeeld. Het is echt wonderbaarlijk hoe bijzonder aangrijpend de auteur de opera Tristan en Isolde van Wagner een prominente rol in het geheel toe bedeelt. Of hoe Het melkmeisje van Vermeer een personage wordt dat meeleeft met bepaalde situaties en voor bepaalde emoties symbool staat! Er is zeker overvloed in het verhaal, maar die doet nergens afbreuk. Integendeel. Elk nieuw facet heeft een functie en maakt het geheel nog rijker. Vooral de ethische punten en actuele feiten die er rond huidskleur, seksualiteit en macht aan bod komen zijn zeer doordacht! Liefde en andere overvloed is een boek dat ik bijzonder graag gelezen heb en dat me nog altijd in zijn greep heeft.

zaterdag 7 september 2019


jij, nieuwe lente…
jij, uitspansel met je belofte van licht   
door jaren die in een verborgen vouw 
nieuwe rimpels van liefde scheppen —
zoen me nu

jij, late zomer…
jij, rijzende regenboog achter de kopergroene boom
die zacht buigt onder een fluweelblauwe droom
en een laatste bliksem verbergt —
schenk me die verfborstel van je hart

jij, kille herfst…
jij, mens met een onderaardse kerker 
die de waarheid van het teveel opsluit
en drinkt aan mijn eenzame passie met voedende tepel —
voel je nergens schuldig om

jij, ja jij seizoen zonder naam,
laat de rimpels liggen in de huid van mijn verdriet, 
ik ben niet bang voor de hitte die je dit jaar achterliet
voorbij de laatste woorden die gevallen zijn 
in een modder met roestgele bladeren 

zaterdag 10 augustus 2019


dat een kind iets donzigs naar me roept
zegt niets over mij, maar over de verfkleur
van een lief hartje in verbouwing

dat een obscuur gebaar mijn richting zoekt
zegt niets over duisternis, maar over liefde 
die vervalt in een uitgeleefd huis

ik wacht op een vluchtheuvel van gevoel
waar wegen kruisen die anderen zijn gegaan:
woorden wervelen rond — los afval van hoop

laat mij wind bij valavond zijn, stof van taal
in een schemerige nis, terwijl de stad
in stoet scandeert over een sussende verte


woensdag 31 juli 2019


Het is een morgen die luitmuziek laat horen,
de dreiging van wat gebeuren kan
zonder dat je er een flauw benul van hebt.
Slopende alledaagsheid met melkachtig gezicht.
Lege restaurantjes met ouderdomsmalaise.

De zon, bazig naar de ijlende wolken, 
roept op om goed geluimd te blijven.
Een zwerm vogels scheert rakelings
over de coniferen. Hoe mooi de natuur 
haar tippelzones en datingsites afschermt.

Rennende, dansende, springende kinderen 
doen alsof het leven alleen voor hen is.
Slopende alledaagsheid is voor tieners.
Twintigers zoeken hun stoeituin op 
van weelderige wellust in de schaduw.

Een scooter stuift moordzuchtig voorbij.
Daar is de ontnuchtering: mijn leven is voorbij,
denkt een oude man, plots herlevend
in een bijna-doorervaring met pakjesbedrijf
en uitgelopen oorlogsjaren.

zaterdag 13 juli 2019


o hemel, wat ben ik blij dat het blauw
buiten zinnen is vandaag, de zon

er ouder uitziet dan moordende zomer
en de lauwe wereld nog even opwarmt

terwijl mijn liefje ijs gaat halen 
om een lekker verhaal te delen
waarin mijn zoenen kunnen schuilen 

o, spannend dubbelleven van zoen,
laat mij mijn schoenen uittrekken, 
de weerzin uit mijn ogen wrijven
en kijken hoe dit brein je toesnelt 

terwijl een neuron het gevoel wast
dat een oude demon zal weglopen
met mijn schamel minuutje geluk 

ik ben er weer, hemel - met open ogen
en opgetrokken wenkbrauwen
draai ik me om naar je vuige wolk
die er zo-even nog niet was

toen mijn liefje vroeg of ik pistache lust
nu jij met regen rijen aardbeien opfokte
om overmoedig alles te zien barsten

van verlangen

woensdag 3 juli 2019



Het is te vroeg om te weten
wie ik ben. Ervaring genoeg,
daar niet van, maar ik krijg ze niet
van mij af geschud. Alleen al
om te weten wie de vlegel was 
die dacht dat hij het antwoord kende, 
moet ik de lange weg afleggen
door het donker dat regeert
achter alle schijn van verdane tijd.

Een jongen met zijn vlieger aan zee,
de tekst verwerkende secretaris,
een stem op ijle golven in de lucht, 
de stoffelijke machine die heerst
over haastige schimmen van liefde,
of een koele glimlach van desillusie? 
Ik zou het niet weten wie het was
die meeliep met de tijd, gehaast
als de hormonen in zijn lijf.

Het is te vroeg om te weten
wie ik ben. Laat ik voor woorden 
een vrije loop, liefkozend verenigd
op een bordje bij de uitgang:
buiten wacht het antwoord, 
in het zingend geritsel van bomen,
duizend personages die sterven
en herboren worden, boek na boek
van lente na winter, herfst na zomer.

dinsdag 2 juli 2019

Trump heeft een kleine stap gezet
voor een doodgewone mens, vanmorgen.
Het was een grote pas ter plaatse
op televisie: niets te vertellen, slechts
blikken en handdrukken voor een camera

en andere berekende gebaren, alles
op een vierkante meter in een land
waar je nooit gezien zou willen worden.
Geen woord over de honger en armoede
van doodgewone mensen ginds in de verte.
Alles nabij vanmorgen: atoombommen
voor de lange afstand zochten hun weg
door de woorden van dit schamel ogenblik
dat historisch wilde zijn. Zonder muziek erbij.
Alles groots voor mij: straks ga ik vieren
dat Eliane Rodrigues verjaart. Bij haar piano,
die tot vlak voor de sterren zingen zal.